Galicië

Galicië ligt in de noordwestelijke hoek van Spanje, boven Portugal en ten westen van Castilla y Leon, met de Atlantische Oceaan in het westen en het noorden. De meeste wijngaarden van Galicië liggen in de vallei van de Miño (Minho in Portugal).

De verkoelende invloed van de zee schept de gunstige omstandigheden voor de productie van witte wijn, al is de vochtigheid in de groenste provincie van Spanje soms een probleem wegens de schimmelvorming (meeldauw) op de druiven.

Het is aan de technologische vooruitgang in de wijnbouw te danken dat Spaanse witte wijn tegenwoordig zo fris en aromatisch kan zijn.

Rias Baixas is de meest bekende wijnstreek in Galicië en ligt niet zo ver van de Portugese grens. De naam verwijst naar het landschap van “Rias”: dit zijn inhammen die tot diep in het binnenland dringen, zoals de Noorse fjorden. De bodem van graniet zorgt voor mineraliteit in de wijnen. Albariño is de voornaamste druif – de meeste wijnen zijn monocépages van albariño. Het is een aromatische druif met veel body en verouderingspotentieel indien ze met voldoende concentratie wordt gevinifieerd. Door de dikke schil is ze minder gevoelig voor meeldauw.

Ribeiro is het eeste klassieke wijngebied van Galicië en was de eerst erkende herkomstbenaming (1957).
Historisch was het een belangrijke regio voor zoete wijnen. Nu worden er frisse witte wijnen gemaakt met in de hoofdrol de treixadura, die het best gedijt op granietbodems.

Valdeorras is een wijnstreek op de grens tussen Bierzo en Galicië die ook leisteen als exportproduct heeft. De wijngaarden liggen langs drie rivieren waarvan Sil de belangrijkste is. Het is hét gebied van de godello: veel potentieel maar ook veel werk in de wijngaard. De wijngaarden liggen op een gemiddelde hoogte van 300 m. Op 600-800 m hoogte, met wijngaarden in terrasbouw, worden de grote witte wijnen gemaakt.

Monterrei en Ribera Sacra zijn kleinere wijngebieden. Monterrei ligt in het binnenland, tegen de grens met Portugal, met een gemengd Atlantisch-continentaal klimaat, met bodems van graniet en leisteen waar lokale druivenrassen groeien, met vooral de doña blanca voor witte wijnen. Ribera Sacra wordt gekenmerkt door de steile hellingen met vooral godello voor de witte wijnen.

Galicië produceert ook een kleine hoeveelheid rode wijn, voornamelijk op basis van mencia, het druivenras dat vooral in het naburige Bierzo (Castilla y Leon) goed gedijt.

Rias Baixas heeft drie belangrijke subzones. Daarvan is Val do Salnés de grootste in oppervlakte, met het koelste en vochtigste klimaat. Het warmere O Rosal ligt in het uiterste zuiden van Galicië, langs de kust en aan de Spaanse oever van de Miño, de rivier die de grens met Portugal vormt; de wijngaarden liggen er op terrassen die zuidgericht zijn, wat leidt tot wijnen met minder aciditeit. Het warmste gebied is Condado do Tea, meer stroomopwaarts en landinwaarts, eveneens langs de Miño en de grens met Portugal; de wijnen zijn er krachtiger en minder verfijnd.

Naast albariño heeft Galicië verschillende typische druivenrassen voor witte wijnen. Godello is een aromatische druif, voornamelijk gebruikt in Valdeorras – en ook in het naburige Bierzo (Castilla y Leon).Doña blanca, voornamelijk uit Monterrei, is een druif met hoge suiker- en zuurconcentraties. De treixadura, vooral gebruikt in Ribeiro, is één van de meest aromatische druivenrassen van Galicië. De loureira is een hoogwaardig druivenras dat aromatische wijnen voortbrengt. Het is toegelaten in Rias Baixas en Ribeiro.

Rode wijnen zijn zeldzaam maar origineel. Mencia komt het meeste voor – ook als monocépage, maar er worden ook druivenrassen als bastardo en caiño gebruikt, vaak in blends.