Noord-Amerika

De meest bekende wijnproducerende Amerikaanse staten zijn New York State, Washington State, Oregon en Californië. Deze laatste 3 liggen aan de westkust van Amerika, aan de Stille Oceaan. Californië produceert met zijn 246.000 ha aanplant maar liefst 90% van de Amerikaanse wijnen. Napa Valley ligt ten noorden van San Francisco en is, dankzij Robert Mondavi, het symbool van de Californische wijn. De meeste rode wijn wordt hier gemaakt van cabernet sauvignon, merlot en zinfandeldruiven. Voor witte wijn gebruikt men voornamelijk chardonnay.

Washington State ligt in het noordwesten, grenst aan Canada en is de tweede grootste wijnproducent. Deze streek ligt op dezelfde breedtegraad als Bordeaux en Bourgogne. Witte wijnen worden hoofdzakelijk gemaakt van chardonnay, riesling en semillon. Voor rode wijn gebruikt men vooral merlot, cabernet sauvignon en syrah.

Oregon ligt tussen Washington State en Californië. Het is eerder een koele streek waar pinot noir en Elzasdruiven goed gedijen, en ook de chardonnay.

New York State grenst aan de Canadese provincie Ontario en ligt tussen de oostkust en het gebied van de grote meren. Je vindt hier zowel Amerikaanse variëteiten als hybrides zoals de aurora, cayuga, seyval en seibeldruif voor witte wijn en baco noir of maréchal foch voor rode wijn. Er wordt echter steeds meer gekozen voor de aanplant van Europese variëteiten zoals chardonnay, riesling en gewürztraminer in wit en cabernet sauvignon en merlot in rood.

De officiële herkomstgebieden worden onderverdeeld in 224 verschillende ava’s: American Viticultural Areas. Dit lijkt op het Franse aop-systeem.

De belangrijkste Canadese wijngaarden liggen rond de meren in de provincie Ontario en leveren 80% van de Canadese wijnproductie. In Niagara-on-the-Lake wordt vooral icewine (ijswijn) gemaakt. Voor witte icewine wordt meestal de hybridedruif vidal gebruikt of de edele rieslingdruif. Rode icewine wordt vooral van cabernet franc gemaakt. Andere wijnproducerende provincies zijn British-Columbia en in mindere mate Québec en Nova Scotia. Canada produceert ook kwaliteitswijnen van normaal geoogste druiven. De Canadese
wijnbouw behoort tot de ‘cool climate’ wijnbouw waarbij je wijnen krijgt met meer zuren en aroma’s. Daarom is 60% van de druiven een winterharde hybride druif.

In de zestiende eeuw troffen de Europeanen in Amerika enkel vitis labrusca- en vitis riparia-wijnstokken aan. Pas later introduceerden de kolonisten de vitis vinifera. Deze laatste werd gekruist met inheemse soorten en zo ontstonden de hybride druiven.

In Californië wordt sauvignon blanc ook fumé blanc genoemd, wanneer de wijn op eiken fusten heeft gerijpt. Deze fusten geven namelijk een wat rokerige smaak.

Mexico is de oudste producent van het Amerikaanse continent. 90% van de Mexicaanse wijnbouw gebeurt in Baja California, in het noorden van het land.

Ontario en British Colombia hanteren het kwaliteitssysteem van de vqa (Vintners Quality Alliance). Je kan het vergelijken met de Franse aop.

Voor ijswijn worden druiven in bevroren toestand geoogst, bij temperaturen niet warmer dan -8 C. Het vocht van de druiven is bevroren wanneer de druiven geperst worden. Men laat het dikke, suikerrijpe sap maandenlang gisten. Hierdoor krijgt men een volle, rijke ijswijn met aroma’s van peren, abrikozen en karamel.