Portugal: Droog

Het smalle Portugal ligt in het uiterste westen van Europa en beschikt over ongeveer 250.000 hectaren wijngaarden. Dit land produceert een grote variëteit aan intrigerende wijnen dankzij de grote verscheidenheid aan lokale druivenrassen. De verkoelende invloed van de Atlantische oceaan is vrij uitgesproken in het westen. De Taag splitst het bergachtige noorden van de drogere, glooiende vlaktes in het zuiden. De bodem varieert van graniet en leisteen in het noorden tot zand en klei in het zuiden.

Sinds de toetreding van Portugal tot de EU in 1986, bestaan er 4 categorieën wijn:
de doc’s (Denominação de origem controlada), de ipr’s (Indicação de proveniência regulamentada), de Vinho regional (landwijn met geografische aanduiding) en de Vinho de mesa (tafelwijn zonder geografische aanduiding).

De grootste doc van Portugal, Vinho Verde (= jonge en snel drinkbare wijn), ligt in het noordwesten. Deze vochtige streek is vooral bekend om zijn licht parelende, droge witte wijn met tamelijk veel zuren.

Andere grote doc’s van noord naar zuid zijn: Douro, Trás-Os-Montes, Bairrada, Dão, (Riba)Tejo, Alentejo en Algarve. De touriga nacional komt uit de Dão en is de grootste Portugese blauwe wijndruif. Deze levert intense, rijpe, tanninerijke rode wijnen. De fernão pires is het meeste geplante wit druivenras en levert ronde, zachte en eerder volle witte wijnen op.

De aragonésdruif, ook gekend als tinta roriz, is de gelijke van de Spaanse tempranillo en levert vrij krachtige doch soepele rode kwaliteitswijnen.

Het alcoholpercentage van een vinho verde moet minstens 8% bedragen, voor het populaire ras alvarinho (= albariñodruif in Spanje) geldt een minimum van 11,5% en voor de mousserende wijnen 10%.

Als er ‘reserva’ of ‘garrafeira’ op het etiket vermeld staat, betekent dit dat de wijn zeker houtrijping heeft gehad gedurende een minimaal vereiste periode. De wijnen komen steeds uit één goed oogstjaar en moeten respectievelijk een 0,5 tot 1 procent meer alcohol bevatten dan voorgeschreven in de doc. Het gaat om kwaliteitswijnen, met beperkte productiehoeveelheid en meestal afkomstig van één quinta (château).

Ten noorden van Lissabon liggen 22.000 ha moeilijk toegankelijke wijngaarden, waaronder de bekende doc Colares (Sintra). Er wordt alleen rode wijn gemaakt van de ramiscodruif.

Ook op het schiereiland Setúbal wordt in 2 doc’s aan wijnbouw gedaan.

In de doc Palmela worden soepele, fruitige en relatief frisse rode wijnen gemaakt van de castelãodruif, plaatselijk periquita genoemd.

Doc Setúbal wordt ook wel eens Moscatel de Setúbal genoemd omdat hier versterkte zoete wijn gemaakt wordt van de muscat de setúbaldruif. De zachte, droge witte wijnen uit dit gebied worden geproduceerd onder de benaming Vinho Regional Península de Sétubal.

De grootste kurkproductie ter wereld gebeurt in de Alentejostreek.